Laden Evenementen

Word jij misschien een kunstenaar?

Paul Tetar was kunstschilder en maakte mooie schilderijen. In de 19de eeuw, de tijd waarin hij leefde, kon je alles wat je nodig had gewoon in de winkel kopen. Ook de verf, netjes verpakt in een tube. Maar heel vroeger, in de tijd van schilders als Rembrandt, konden ze geen potten of tubes verf kopen in de winkel, dus moesten ze de verf zelf maken. Op de zolder van het museum leer jij zelf verf maken.

Wat heb je nodig om verf te maken?

Als eerste heb je pigment nodig. Dat is een soort poeder met een mooie kleur. Dat werd van verschillende dingen gemaakt. Sommige pigmenten zijn bijvoorbeeld gemaakt van brokken aarde die helemaal fijn wordt gemalen. Maar er zijn ook pigmenten die werden gemaakt van luizen zodat je een mooie roze kleur kreeg. Sommige pigmenten zijn heel duur zoals ultramarijn. Dat wordt gemaakt van een steen die niet in Europa voorkomt dus van ver weg hier naartoe moet worden gehaald.

Dan heb je water nodig om samen met het pigment een papje en, heel belangrijk, je hebt iets nodig waardoor de verf aan je schilderdoek blijft plakken. In de 17 de eeuw gebruikten ze daar vaak olie voor, maar dat is veel werk en het droogt heel langzaam.

Voordat ze olie gingen gebruiken, gebruikten ze de dooier (het geel) van een ei. Op die manier gaan wij in het museum zelf verf maken in verschillende kleuren. En als er genoeg kleurtjes zijn gaan we die gebruiken om een schilderij te maken. En dat mag je natuurlijk mee naar huis nemen.

Ook kijken we in het museum naar de schilderijen die er hangen. Op een van die schilderijen staat het nichtje van Paul Tetar, Marietje. Konden meisjes toen eigenlijk ook kunstenaar worden? Je komt het allemaal te weten in het huis van de kunstenaar.

Deze activiteit is alleen voor kinderen. Ouders kunnen wel het museum bezoeken op eigen gelegenheid en betalen dan zelf entree.

Koop kaarten